Deel III: Besloten vennootschap

 

Nieuw Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen

De regels die van toepassing zijn op de Besloten Vennootschap (hierna: “BV/Srl”) zijn opgenomen in Boek 5 van het nieuwe Wetboek. Ze worden aangevuld door de algemene bepalingen vervat in Boek 1 tot en met 3, die gelden voor alle rechtspersonen. Het is de bedoeling dat de BV/Srl de meest gebruikte rechtspersoon wordt in het nieuwe vennootschapsrecht. Doordat het merendeel van de bepalingen van de nieuwe wet van aanvullend recht is, is het mogelijk om de BV/Srl te modelleren en aan te passen aan de specifieke behoeften van de vennoten. 

Geen kapitaal

Een belangrijke verschil ten opzichte van het bestaand recht is dat de BV/Srl geen kapitaal heeft. Evenwel vereist de nieuwe wetgeving dat het aanvangsvermogen van de vennootschap (zowel eigen vermogen als andere financieringsbronnen zoals leningen) bij oprichting toereikend is in het licht van de voorgenomen activiteiten. Het belang van het financieel plan wordt daarbij groter. Dit plan, dat (nog steeds) bij oprichting aan de notaris verstrekt moet worden en door hem wordt bewaard, moet de financiële situatie van de vennootschap tijdens de eerste twee jaren beschrijven. De nieuwe wet bevat specifieke voorschriften over de inhoud van het financieel plan. De mogelijke aansprakelijkheid van de oprichter(s) wordt gehandhaafd en kan van toepassing zijn indien de BV/Srl failliet gaat binnen drie jaar en de financiële middelen van de vennootschap kennelijk ontoereikend waren voor zijn activiteiten tijdens de eerste twee jaren.

Onder het nieuwe Wetboek, kan een BV/Srl opgericht worden door één enkele oprichter (natuurlijke of rechtspersoon) en het zal ook mogelijk zijn om aandelen te uitgeven tegen de inbreng van arbeid die wordt verricht ten voordele van de vennootschap.

Uitkeringen aan aandeelhouders

Uitkeringen aan aandeelhouders (zoals dividenden, inkoop van eigen aandelen, vergoedingen bij uittreding of uitsluiting) kunnen alleen worden gedaan indien de vennootschap beschikt over zowel een toereikend netto-actief als voldoende liquiditeit. Ten eerste is een uitkering niet toegestaan wanneer het netto-actief van de vennootschap negatief is of, als gevolg van de uitkering, negatief zou worden (de “netto-actief-test”). Ten tweede moet de vennootschap, volgens de redelijkerwijs te verwachten ontwikkelingen, in staat zijn de schulden te betalen die opeisbaar worden tijdens de volgende twaalf maanden (liquiditeits-test). Het zal de verantwoordelijkheid zijn van de Raad van Bestuur om te beoordelen of aan deze twee vereisten is voldaan.

De bestaande ‘alarmbelprocedure’ wordt gehandhaafd, maar moet nu worden gevolgd wanneer wordt vastgesteld (of had moeten worden vastgesteld) dat de vennootschap niet langer voldoet aan de netto-actief-test of de liquiditeits-test. De Raad van Bestuur is in dat geval verplicht om binnen twee maanden de algemene vergadering van aandeelhouders bijeen te roepen om te stemmen over de ontbinding van de vennootschap, althans over maatregelen om de continuïteit te verzekeren. Het nieuwe Wetboek verduidelijkt dat dergelijke algemene vergadering in principe slechts éénmaal per twaalf maanden moet worden bijeengeroepen.

Uittreding

Onder het nieuwe Wetboek is het mogelijk om in de statuten van de BV/Srl op te nemen dat een aandeelhouder het recht heeft om zijn aandelen tegen vergoeding te laten terugnemen door de vennootschap. Dit is nu alleen mogelijk bij een coöperatieve vennootschap. Deze zogeheten uittreding is voor de oprichters pas toegelaten vanaf het derde boekjaar van de vennootschap en is, tenzij anders bepaald in de statuten, slechts mogelijk in de eerste zes maanden van het boekjaar en met alle aandelen. De vergoeding die is verschuldigd aan de uittredende aandeelhouder is het bedrag van de door hem betaalde (en nog niet terugbetaalde) inbreng, met als maximum de netto-actief waarde van de aandelen op grond van de laatst goedgekeurde jaarrekening. De betaling van de vergoeding wordt (geheel of gedeeltelijk) opgeschort als de vennootschap niet (langer) voldoet aan de netto-actief- of liquiditeits-test, maar heeft wel voorrang op alle andere uitkeringen aan aandeelhouders.

Stemrechten en overdraagbaarheid

Er is een grote vrijheid wat betreft stemrechten en beperkingen op de vrije overdraagbaarheid van aandelen. De vennootschap moet minstens één aandeel met één stem uitgeven, maar het traditionele principe van “één aandeel, één stem” is afgeschaft. De BV/Srl kan aandelen uitgeven met meervoudig stemrecht, zonder stemrecht of stemrecht in specifieke situaties. De huidige beperkingen op de overdraagbaarheid van aandelen in een BV/Srl worden aanvullend recht. De statuten kunnen dus voorzien dat de aandelen in een BV/Srl vrij overgedragen kunnen worden aan aandeelhouders en aan derden. Tot slot legt de nieuwe wet vast dat de vennootschap geen overdrachten mag erkennen die in strijd zijn met de statutaire overdrachtsbeperkingen.

De Raad van Bestuur

De BV/Srl moet minstens één bestuurder hebben en de regel blijft dat in principe elke bestuurder alleen bevoegd is de vennootschap te vertegenwoordigen. Een bestuurder mag, in zijn hoedanigheid van bestuurder, geen werknemer zijn. De huidige regel dat een bestuurder altijd zonder reden (ad nutum) ontslagen kan worden door de algemene vergadering van aandeelhouders wordt aanvullend recht. Het wordt dus mogelijk om  ontslagbescherming voor de bestuurders op te nemen in de statuten. Wel kunnen bestuurders altijd worden beëindigd, zonder opzegtermijn of vertrekvergoeding, wegens wettige redenen.

In geval een bestuurder een belangenconflict heeft, moet hij/zij zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en de stemming en beslissen de andere, niet-geconflicteerde, bestuurders. Indien alle bestuurders een belangenconflict hebben, wordt de beslissing voorgelegd aan de algemene vergadering van aandeelhouders. Wanneer de vennootschap één bestuurder heeft die ook enig aandeelhouder is, mag hij/zij wel beslissen.

Tenslotte definieert de nieuwe wet het begrip ‘dagelijks bestuur’, dat elke beslissing omvat die (i) deel uitmaakt van het dagelijkse leven van de vennootschap, of (ii) van minder belang of (iii) spoedeisend is.

De gronden van bestuurdersaansprakelijkheid en de beperking van het maximale bedrag van de aansprakelijkheid zullen worden besproken in één van de volgende nieuwsbrieven.

In de nieuwsbrief die verschijnt op vrijdag 5 april a.s., bespreken we de nieuwe regels voor stichtingen en internationale verenigingen.

Als je hierover vragen hebt, kan je contact opnemen met het Curia Corporate- en Non-profit team:

Yvette Verleisdonk, partner (yvette.verleisdonk@curia.be)

Sarah Verschaeve, partner (sarah.verschaeve@curia.be)